Dupuy & Berbérian :: ''Pinguïns met een sigaret''

Dupuy & Berbérian :: ''Pinguïns met een sigaret''  
Print
    
Pagina 1 2 3

Sinds donderdag is in Leuven een tentoonstelling rond het werk van de Franse stripauteurs Phillippe Dupuy en Charles Berberian te zien. Beide heren schrijven en tekenen al zo’n twintig jaar samen strips. In Vlaanderen zijn ze nog relatief onbekend, maar in Frankrijk worden ze met de regelmaat van de klok bekroond en hebben ze een trouwe aanhang. Tegelijk met de opening werden ook twee nieuwe Nederlandse vertalingen voorgesteld.

De strips van Dupuy en Berberian hebben lange tijd een leven geleid als delicatesse voor de stripliefhebber die het Frans machtig was. De Nederlandse uitgeverij Oog&Blik bracht in 1999 eindelijk een vertaling uit van hun belangrijkste reeks: Mijnheer Johan. In die serie worden de beslommeringen van een dertigjarige schrijver gevolgd, met alle midlifecrisissen, vrouwenproblemen en onzekerheden van dien. De reeks kende een hoogtepunt in delen drie en vier, het laatste kreeg dan ook de Alph’art voor beste album.

Deel drie was een moeilijke bevalling, zo blijkt uit Dagboek van een strip. Dit laatste boek is een autobiografisch album dat in 1994 verscheen. Beide auteurs vertellen over hun eigen onzekerheden en soms zeer persoonlijke problemen. Acht jaar na de Franse editie bij de invloedrijke uitgeverij l’Association verschijnt nu de Nederlandse vertaling. Het blijft een schitterend album, maar is (zeker voor de auteurs) minder actueel dan bij de oorspronkelijke editie. Uit deze albums en hun carnets (schetsboeken als reisverslagen van steden als Barcelona en New York) blijkt een uitzonderlijke aandacht voor details en de wereld rond hen. Tijdens het interview in een Brussels marollencafeé lijkt hun aandacht dan ook alle kanten uit te gaan.

Goddeau: de ondertitel van de tentoonstelling in Leuven is Het alledaagse in de Franse strip. Dat alledaagse lijkt hem vooral in de details te zitten, zoals Mijnheer Johan die in New York direct nadat hij op een feestje vertrekt een sigaret opsteekt. Hebben jullie daar speciaal aandacht voor?
Phillippe Dupuy: "Ja, wat dat betreft kun je er niet naast kijken. Die Amerikanen zijn daar vrij gek in. Als je door New York wandelt, zie je overal chemises blancs die buiten een sigaret staan te roken. Al die mensen in hun kantooruniform: wit hemd en zwarte das. Dat is echt grappig om te zien. Pinguïns met een sigaret aan de deur van een kantoorgebouw. Vlak voor ze naar huis vertrekken, doen ze dan rap onder hun bureau hun sportschoenen aan. We proberen met het observeren van dat soort details inderdaad het alledaagse wat in onze strips te krijgen. Ook hier in dit café probeer ik dingen te onthouden. Ik zie hier bijvoorbeeld planten (wijst naar sanseverias op de vensterbank) die ik nooit in mijn appartement zou willen hebben, maar ze staan hier wel. Met die details proberen we de tekeningen wat levendiger te maken. Het maakt onze albums ook herkenbaarder."

Goddeau: We zijn hier in Brussel, een stad die voor jullie Parijzenaars wel bizar moet zijn. Zeker hier, waar een volkswijk is moeten wijken voor Parijse avenues en statige gebouwen.
Charles Berberian: "Absoluut, maar ik houd ook wel van Brussel. Het is een beetje een melancholische stad. Die Noord-Europese steden als Amsterdam en Brussel zijn ook een stuk menselijker dan bijvoorbeeld Parijs."



1 maart 2002


Meer op Goddeau.com
goddeau.com
goddeau.com