goddeau: Dat lijkt me een constante in je nummers: je personages zijn bijna onveranderlijk vrij onuitstaanbare bitchy wichten, maar tegelijk voel je dat ze onderhuids om affectie smeken. Palmer: "Zeker. Ik geef toe dat ik zelf door zo’n fase ben gegaan en veel soortgelijke mensen ken. Net als veel van onze fans — veel tieners in het algemeen — worstelde ik met die negatieve gevoelens en de vraag hoe ik meer kon zijn dan dat negatieve zwarte gat dat aandacht nodig had. Vooral daarom begon ik songs te schrijven: ik wilde die gevoelens onder controle houden en ze tegelijk tot een voordeel omsmeden."goddeau: Je lijkt me dan ook een heel klein beetje een dramaqueen, niet? Is Brian (Viglione, drummer) het nuchtere tegengewicht? Palmer: "Dat is een hilarische interpretatie: Brian is een veel grotere dramaqueen dan ik. Maar dat is het probleem met muziek en persoonlijkheid: omdat ik focus op bepaalde thema’s en personen in mijn songs, denken mensen dat ik een dramaqueen ben. Terwijl ik eigenlijk een heel ontspannen mens ben." goddeau: Brian leren kennen was wel het laatste puzzelstuk vinden, zei je ooit? Palmer: "Het punt met Brian is: we drukken ons exact uit zoals we willen, zonder ons iets aan te trekken van wat mensen zeggen. En we proberen niets te zijn wat we niet zijn, we plooien ons niet naar wat populair is. Het is simpel: ik heb deze songs geschreven, Brian drumt ze. Dat is het. Als mensen het lusten is dat fijn, zoniet: fuck them. We menen elk woord en elke noot die we on stage brengen. Dat was ook het mooie aan Nirvana: je zag ze spelen en je geloofde ze ook. Meer dan drie mensen die op een podium muziek maakten en hun ziel erin gooiden was het niet. En dat is wat wij ook doen." goddeau: Jullie doen het wel een stuk theatraler. Kurt Cobain wilde net muziek maken wars van alle theater. Palmer: "Ja, maar zie waar ze eindigden. Eigenlijk vochten ze tegen zichzelf. Soms droegen ze zelfs jurken op het podium, net omdat ze duidelijk wilden maken dat de muziek aan elke uiterlijkheid voorbij gaat. En dat is ook ons punt: we zouden vanavond naakt het podium op kunnen gaan en nog steeds dezelfde show brengen. Maar als je het wil weten: make-up en kostuums vinden we gewoon plezierig. Zowel Brian als ik verkleden ons al graag sinds we zes zijn. Ik heb er zelfs nooit ernstig over nagedacht, tot ik het aan interviewers moest uitleggen. Het was gewoon iets dat we spontaan deden."
goddeau: James Dean Bradfield van de Manic Street Preachers vertelde over de legeruniformen die ze droegen tijdens de Holy Bible-tour dat het — in tegenstelling tot wat je zou denken — veel gemakkelijker is om jezelf achter zo’n kostumering te verstoppen dan gewoon als jezelf op de planken staan. Palmer: "Daar heeft hij groot gelijk in." goddeau: Je leest veel rockbiografieën. Stel dat er één komt over de Dresden Dolls, welk soort biografie zou het zijn: een The Hammer Of The Gods-achtig lexicon van excessen, het from hero to zero-verhaal,…? Palmer: "Geen van beiden denk ik. Mijn schrijfsels in ons online-dagboek zouden er een vingeroefening voor kunnen zijn: het zou eerder een verzameling ervaringen zijn, gezien vanuit het perspectief van wat ik in al die tijd geleerd heb. Want ik heb wel het gevoel dat ik veel geleerd heb over mensen." "Weet je: ik heb net twee uur yoga gedaan in mijn kleedkamer. (schatert). Ik heb geen kater. En neen, ik ben ook Tori Amos niet: geen wierookgeurtjes, geen godinnenverering. Wij zijn de minst rock ’n’ rollband die je je kunt inbeelden: we drinken nauwelijks, nemen geen drugs, blijven niet laat op, vernielen niets. Het gaat er allemaal nogal kalmpjes aan toe bij ons. Behalve wanneer we op de planken onze songs brengen." Dresden Dolls spelen op 1 juli op Rock Werchter en op 20 augustus op Pukkelpop
15 juni 2005 |
|