goddeau: Jullie zijn ook eerder geneigd werk te spelen van de volgende plaat dan van de vorige. Een onstuitbare drang vooruit? Tare: "Toen we in New York begonnen met optreden was dat grotendeels voor steeds dezelfde vriendenclub. We wilden hen dan ook elke keer iets anders bieden omdat ze zo lief waren om te komen kijken. De sfeer was ook goed en we maakten constant nieuw materiaal. Op die manier werd elk optreden een nieuwe ervaring voor het publiek en dat was wel mooi meegenomen, want we zijn niet de beste muzikanten en hebben niet echt popsongs waar we op kunnen terugvallen. Mensen die niet weten wat ze zullen horen komen met minder verwachtingen naar een optreden." "We krijgen liever drastische reacties dan geen. Ik heb liever dat iemand ons haat dan dat we zijn koude kleren niet raken. Provoceren? We lokken wel graag iets uit ja: emotie, reactie… geen apathie. We reageren zelf uiteindelijk uit een desinteresse voor de muziek die we hoorden toen we opgroeiden."goddeau: Wat jullie zo uniek maakt is dat jullie die drang naar experiment niet beredeneerd aanpakken, maar net op een heel kinderlijke en onbevangen manier. Tare: "Dat lijkt me ook een juistere manier. Kinderen nemen de wereld veel meer waar via emoties, en staan veel meer open voor beelden en klanken. Zo proberen wij ook open te staan voor de wereld. Ontvankelijk zijn voor wat er gebeurt en niet werken met beperkingen." goddeau: Ik kan me voorstellen dat je een grens over moet voor je zo kunt zingen als jullie? Tare: "Daar gaat vrijheid, experimenteren dan ook over. Ook al proberen mensen tegenwoordig zelfs die begrippen af te bakenen: wat freeform hoort te zijn, wat experiment is,.. Onzin, zo wordt het enkel een kopie van zichzelf. Je moet gewoon de muziek maken die je wilt maken. En al dat geschreeuw en getier is gewoon een manier om mensen enthousiast te krijgen en ook onszelf op te winden. We kennen elkaar genoeg om ons niet te generen. Er is geen sprake van dat we ons stom zouden voelen, het is net de bedoeling om zoveel mogelijk onszelf te zijn." goddeau: Dat dat leidt tot allerhande drugreferenties irriteert jullie blijkbaar wel. Tare: "Dat was het grote ding toen Here Comes The Indian uitkwam: wij waren de nieuwe drugband. En zelfs al kunnen we niet ontkennen dat we onze ervaringen inzake hebben gehad, daar gaat het niet om. Wij maken geen drugmuziek, wij proberen gewoon zoveel mogelijk mensen met onze muziek zo’n staat te doen ervaren. Je kunt dat soort psychedelische staten ook bereiken zonder drugs." goddeau: En toch. Is het niet door je ervaringen dat je zelfs nuchter zo’n muziek kunt maken? Tare: "I guess i’m the wrong person to ask. Ik heb die ervaringen. Maar heel wat Afrikaanse en Indische muziek is de meest psychedelische die ik ken." goddeau: Dat zijn nu ook niet echt culturen waar de roes onbekend is. Tare: "Ravi Shankar heeft denk ik nooit drugs genomen. Er zijn heel wat Indische muzikanten die het zonder drugs doen." goddeau: Het is in elk geval interessant dat je zelf die link legt met Afrika. Je muziek voelt heel tribaal aan, heel ritueel ergens. Tare: "Dat is gewoon wij die enthousiast zijn, niet het gevolg van één of ander besluit om zo te klinken. We luisteren wel veel naar zulke muziek en zeker op Sung Tongs is daar wat van doorgesijpeld. Samen spelen is voor ons ook gewoon een ritueel, iets speciaals."
15 november 2005 |
|