CLUBSIDE DOWN: Sorrow Hill, Part Chimp, Don Caballero, 1 november 2006, 4AD |
|
|
Kabaal, deel 2, en deze keer in onze favoriete Westvlaamse concertzaal. De oordopjes werden al aan de kassa uitgedeeld, en terecht. Naarmate de avond vorderde, werd duidelijk dat Dag Zes van Clubside Down niet geschikt was voor pussies. Vandal X liet het al horen op zijn derde album: "What’s rock without noise? We can’t have that, there’s no such thing."
De XL-gitarist van het Britse noisetrio Part Chimp droeg een High On Fire-shirt, en dat is al een duidelijk statement. Na slechts enkele seconden gingen de oranje dopjes dan ook richting oorschelp. Met hun tweede album, I Am Come, maakten ze al duidelijk resoluut voor het volume te gaan, en live doen ze er zo mogelijk nog een schepje bovenop. De duidelijkheid van songstucturen en verstaanbaarheid van de zang leden eronder, maar geen mens die er zich iets van aantrok met zo’n muur van gitaargeweld. Het trio verkende het gebied tussen High On Fire, Unwound en Lightning Bolt met een furieuze bezetenheid, en het ene shot pure adrenaline na het andere. Dit is vast niet wat The King in gedachten had toen hij op 7 juli 1954 het officiële startschot van de rock-’n-roll gaf, maar we waren wel murw geklopt op minder dan veertig minuten. Luid, lelijk, maar vooral: straf.
De wetenschapsanalogie kan nog steeds gebruikt worden: de band aan het werk zien, is als het bijwonen van een experiment dat met chirurgische precisie wordt aangepakt: je begrijpt geen bal van wat er precies gaande is, maar beseft wel dat het wordt uitgevoerd door een stel vaknerds die weten wat ze doen. De set was vooral gericht op de recente langspeler World Class Listening Problem (al was het leuk om "Fire Back About Your New Baby’s Sex" nog eens te horen), een album dat toegankelijker is dan het oude werk, maar niettemin zorgt voor bijzondere momenten. Nu eens flirtend met pop ("Railroad Cancellation"), dan weer aanleunend bij metal ("Mmmmm Acting, I Love Me Some Good Acting"), en altijd voorzien van een door jazz beïnvloede wervelstorm aan drums en apart gitaargepingel. Ook leuk om bezig te zien: de gitarist die à la Gary Lucas laag op laag stapelde en met een geheel van loops een opmerkelijk rijke sound wist te creëren. Door het vreemde ritme en de lange pauzes was het een apart concert, dat wel duidelijk maakte dat Don Cab eenvoudigweg niet in een hokje te plaatsen valt. Tenzij dat van de unieke bands. Guy Peters | foto's Pieter Morlion
2 November 2006 |
Meer Don Caballero
Meer live
Meer op Goddeau.com
|
||



De avond ging nochtans moeizaam van start met het lokale Sorrow Hill. We kennen niet veel Vlaamse bands met de panache om een kruising te spelen tussen instrumentale jazzcore, mathrock en noise, al hoeft dat nog niet te betekenen dat het concert indruk maakte. We kunnen het trio onmogelijk een slechte smaak aansmeren –- we hoorden flarden Victims Family,
Al even ontzagwekkend, maar dan op een totaal andere manier: Don Caballero. Ooit nog de grondleggers van wat dezer dagen mathrock genoemd wordt (al kan u dat best niet vermelden in het bijzijn van drummer/frontman Damon Che), en na een afwezigheid van een goeie vijf jaar terug onder de levenden. Don Cab bewees nog steeds een performance te kunnen geven die de hoofden aan het duizelen brengt. Aarzelend tussen het intellectualisme van 
