Tunng :: ''Er zou meer gezongen moeten worden rond de microgolf!''

Tunng :: ''Er zou meer gezongen moeten worden rond de microgolf!''  
Print
    
Pagina 1 2

Indietronica en folk, … knisperende laptops en tokkelende gitaren. In een tijd dat cross-over de norm is en alles aan alles wordt gepaard, doen ook zij samen een standje. Folktronica is de naam, en één van de meest bezwerende groepen in het genre is het Britse Tunng, dat in deze hypermoderne tijden toch steeds een vleugje middeleeuwen weet binnen te smokkelen.

ImageAlles begon met Mike Lindsay die in een kelderstudiootje onder een Londense kledingwinkel instrumentale tracks ineenpuzzelde op zijn computer. Tot hij de Amerikaanse songschrijver Sam Genders tegen het lijf liep en hem de videocassette van de film The Wicker Man in handen stopte. Lindsay liet Genders toe in zijn kelder en samen maakten ze het prachtige debuut Mother’s Daughter And Other Songs.

Tunng ging de hort op als een groep en dat vertaalde zich deze zomer in de opvolger Comments Of The Inner Chorus. Wederom wordt een fijnmazig net geweven van doorvlochten stemmen, akoestische instrumenten en elektronische effecten. Het resultaat blijft in elk geval erg ruraal klinken, wat wel verbaast van een bende Londenaren.

Lindsay: "Een paar songs hebben misschien die oud-Engelse vibe, maar om nu te zeggen dat we middeleeuws en landelijk klinken …"
goddeau: Jullie zingen over heksen die mensen in hazen veranderen (uit "Woodcat", mvs) en zo ...
Phil Winter (live-elektronica): "Dat gebeurt ook in de steden! (lacht) Vaak zelfs."
Lindsay: "Er zijn zeker invloeden uit die traditionals, maar er zijn ook vele andere bronnen. "Woodcat" heeft weliswaar zeker iets van een oud dorpssprookje met zijn fantasiewereld. Al is het eigenlijk gewoon een erg rechtstreekse verwijzing naar The Wickerman. Hmmm …. Eigenlijk brengen al onze songs wel een verhaal over een andere wereld."

goddeau: Jullie muziek refereert wel duidelijk aan de oude folk van Bert Jansch en Pentangle.
Lindsay: "Ik hou heel erg van Pentangle en Jansch en John Renbourns stijl van gitaarspelen. Of hoe veel stemmen zich met elkaar verweven. Dus ja, daar hebben we zeker invloed van ondergaan."
"De combinatie met elektronica kwam heel natuurlijk. Aanvankelijk knutselde ik alleen met mijn apparatuur, maar toen ik Sam ontmoette, bracht hij heel wat rootsinvloeden mee. Hij kende mensen van Fairport Convention en zo. Ik heb ook jaren gitaar gespeeld, dus het was niet zo dat alle folkinvloeden van hem kwamen."
"We begonnen elke zondag samen te knutselen in onze kelder, zonder dat we ons er bewust van waren dat er zoiets bestond als folktronica. Tot we na jaren werken naar buiten kwamen met ons debuut en in de recensies al die verwijzingen naar andere artiesten als Four Tet en zo lazen. Al vind ik toch dat we een eigen unieke stijl hebben ontwikkeld."

goddeau: Hoe gingen jullie dan te werk? Sam bracht een song aan waar jij mee aan de slag ging?
Lindsay: "Dat kon op verschillende manieren gebeuren. Soms had ik een song geschreven waar Sam mee aan de slag ging. Zoals "Tale From Black" (van op Mother’s Daughter…, mvs): dat was een afgewerkte instrumentale track tot Sam erbij kwam. Hij heeft namelijk die geniale kwaliteit om een track te horen terwijl jij er naast hem aan werkt en een uur later terug te komen met zes strofen over een oude vrouw die mensen vermoordt en verhalen schrijft met hun bloed. Dat was best indrukwekkend. En soms brengt hij ook een song aan die we gebruiken."


22 november 2006


Meer op Goddeau.com
goddeau.com
goddeau.com
azerty