Viva Velinx, 14 april 2007, Velinx |
|
|
|||
|
De Tongerse Velinx opende voor de twaalfde keer zijn deuren voor het festival dat op het einde van de paasvakantie steeds opnieuw uitpakt met een intrigerende combinatie van bekend en onbekend, traditie en experiment. Ook dit jaar werd het publiek getrakteerd op een behoorlijk eclectische avond, met de verwachte schommelende resultaten tot gevolg.
Ze haalden hun laatste albumtitel (Transparent Things, een tijdje geleden nog goed onthaald op deze site) bij een roman van Nabokov, lopen hoog op met de Krautrock van Can en Neu!, verwijzen expliciet naar Brian Eno, Kraftwerk en Talking Heads, en smukken hun electronica op met elementen uit disco, hiphop, funk en minimale electro. Het Britse trio Fujiya & Miyagi etaleert dus een grondige kennis van de elektronische muziek, maar live helaas ook het gebrek aan een eigen smoel. Er wordt gespeeld met eigenaardige tics (fluisterzang, houterige bewegingen), en de set is een reis doorheen vijfendertig jaar gebliep, maar de opwinding, laat staan het swingen, bleef achterwege bij een performance die ziel miste. We dachten even iemand te zien dansen, maar het ging blijkbaar om een schijnbeweging of struikeling. Hoge verwachtingen voor Stijn (Staan voor de vrienden), de immer goedlachse Antwerpse krullenbol die zich blijkbaar had voorgenomen het ietwat suffe publiek aan het fuiven te krijgen, desnoods door de ene flauwe grap aan de andere te tetteren. Het eerste deel van de set, met band, was nochtans aardig: er werd bij momenten een sterke groove op poten gezet, maar dat was van korte duur, omdat Stijn solo ook nog wat dingen, en flauwe songs als "Pussy On My Mind", kwijt wilde. De set verliep houterig, miste flow en onze blanke Prince deed gewoonweg te veel moeite om z’n ietwat belegen trucjes aan de man/vrouw te brengen. Het met band gebrachte "Sexjunkie" was prima, en die hectische cover van Doe Maars "Smoorverliefd" zagen we ook door de vingers, maar overtuigd waren we niet. Tenzij van het feit dat ’s mans turnlessen hem geen windeieren hebben gelegd. Eerste verrassing van de dag waren Laura Veirs & The Saltbreakers (foto), een uit de Pacific Northwest overgewaaid kwartet rond de nerdy/charmante Veirs, die er intussen al een handvol albums op heeft zitten die aan deze kant van de plas nauwelijks werden opgemerkt. Dat is zonde, want de liedjes van Veirs zijn zonder uitzondering overtuigende kruisbestuivingen van folkpop en singer-songwritermateriaal. Haar stem is vaak meisjesachtig en haar timing lijkt wat vreemd, maar het voegde een extra dimensie toe aan prima songs als "Pink Light" en "Nightingale". Er werd vooral geput uit haar meest recente album Saltbreakers, wat ons betreft een verplichte voorjaarsaankoop, want het uit die plaat geplukte "Black Butterfly" en "Don’t Lose Yourself" zorgden voor de mooiste tandem van de avond. 15 april 2007 |
Meer Viva Velinx
Meer live
Meer op Goddeau.com
|
||


Net als op