|
Met een uitmuntende nieuwe plaat, Big City, bevestigt Zita Swoon de bloedvorm waarin de band sinds A Song About A Girls verkeert. De laatste platen klinken alsof de kleurrijke, chaotische mozaïek van weleer eindelijk écht vorm heeft gekregen en ook live past alles tegenwoordig perfect in elkaar. “Je moet het vooral graag doen”, zegt Stef Kamil Carlens in de loop van dit gesprek: en dat zullen ze op Les Nuits eens te meer uitstralen. Zita Swoon heeft alles op een rijtje. Ondanks de muziekindustrie, en dankzij het publiek.
goddeau: Nu ik zelf bijna vader ben, zou ik je eerst vlakaf willen vragen: wat doet het vaderschap nu eigenlijk met een man? Stef Camil Carlens: (lacht) “Ik stond er niet echt bij stil dat ik vader zou worden toen ik het hoorde. Ze zeiden me dat je leven verandert zodra je dat kindje vast hebt. En hoewel het natuurlijk wel een heel mooi moment was, besefte ik het eigenlijk nóg niet. Ik verwachtte dat m’n leven daadwerkelijk zou veranderen toen ik mijn kind voor het eerst vasthield, maar er veranderde niet veel (lacht). Maar nu, vijf jaar later, is er echt héél veel veranderd. Ik zie alles veel positiever. Als je verantwoordelijk bent voor zo’n kind heb je er gewoon goesting in en wil je dat het goed gaat met de wereld, want je beseft dat je kind er nog veel langer zal rondlopen dan jijzelf. Zo’n kind is zo hulpeloos, je moet hem leren omgaan met alles en met iedereen. Dat verandert je leven totaal.”
goddeau: Op deze plaat, getuige de titelsong “Big City”, overschouw je ook je eigen vader-zoonrelatie. Carlens: “Er zijn gewoon heel veel momenten waarop je beseft wat het ís om vader te zijn. Verantwoordelijkheid nemen en geven is gewoon praktisch, maar er is op heel veel gebieden ook een emotionele kant. Het is onmogelijk om de vergelijking niet te maken met jezelf als zoon en je vader. Je ziet gewoon zijn gedrag weerspiegeld in je eigen gedrag, omdat je natuurlijk door die persoon bent opgevoed en heel veel met die man hebt meegemaakt.” goddeau: Zijn er bepaalde dingen die je, zoals je vader, perse met je zoon wil meegeven? Carlens: “Je geeft constant dingen mee, al is dat heel vaak ook onbewust. Ik vind beleefdheid heel belangrijk, en dan bedoel ik niet met mes en vork eten, maar eerder een soort sociale vaardigheid in de omvang met mensen, begrijp je?” goddeau: Doel je op respect, of is dat een hol woord? Carlens: “Nee, dat is het wel denk ik. Dat is belangrijk; niet alleen voor dat kind, maar ook voor de gang van zaken in de wereld dat je dat als kind meekrijgt van je ouders. Maar er zijn zoveel dingen, alles eigenlijk, tot je op het punt komt dat je voelt dat hij het zelf kan, en daar zijn we bijlange nog niet. Nu hangt hij nog altijd gewoon aan mijn broek.” (lacht) goddeau: Het woord respect is al gevallen. Toen ik de plaat hoorde, had ik een enorme flashback naar jullie optreden op 0110. Jullie maakten er één groot muzikaal, kleurrijk, zonnig feest van en deden zo de politieke en samenlevingsproblemen waarover het ging volledig vergeten. Jullie waren vijf minuten van het podium en de hevigste hagelbui van de eeuw stortte neer op Antwerpen. Ik zou Zita Swoon anno nu niet beter kunnen samenvatten dan in dat beeld. Carlens: “Dat vind ik heel mooi, maar het was absoluut niet de bedoeling om een super-happy plaat te maken, dat is toevallig gegroeid. Misschien omdat ik me wel goed voel de laatste tijd, maar ook omdat de band nu hechter samen is dan ooit, omdat we veel hebben samengespeeld en we ons al spelend op ons gemak voelen bij elkaar. Het was moeilijk om de plaat te maken, maar er waren veel leuke momenten.”
2 mei 2007 |
|