|
Het heeft een tijdje geduurd, maar na Jon Chapple met Shooting At Unarmed Men komen ook Andy Falkous en Jack Egglestone met een vervolg op McLusky. Harder en gemener zijn daarin kernwoorden, maar zo hebben we onze bandjes graag.
De grimmige blik die Falkous in de ogen heeft, laat er geen twijfel over bestaan: deze nieuwe band wordt minstens even intens als zijn roemruchte voorganger. Naar de redenen van die blik hebben we het raden. Is hij intens met de band bezig, of doet het aantal interviews de moordzucht oplopen?
Andy Falkous: "Veel bands zien op tegen de promotiedagen die aan de release van een plaat vooraf gaan, ik niet. Ik kan blijven praten, zelfs in een vacuüm. Als je maanden met hart en ziel aan iets gewerkt hebt, dan wil je de wereld daar toch over vertellen?" goddeau: Is het daarom dat je een soort dagboek bijhoudt op jullie myspace? Falkous: "Daar heeft het wel wat van weg. Toen we pas met Future Of The Left bezig waren, stak ik best veel tijd in die myspace. Maar dan werd het drukker en drukker met de groep en als je er dan nog eens een gewone job op nahoudt, blijft er algauw niet veel tijd over om te schrijven. Wat er nu op verschijnt, zijn doorgaans stream of consciousness-stukken die dienst doen als soort van social life." goddeau: Die day-jobwaar je het over hebt, is die te combineren met je muziek? Falkous: "Tamelijk. Ik stop er namelijk zodadelijk weer mee voor een tijdje. Ik zit in de sociale huisvestingssector. Jack is een barman en Kelson werkt voor een telefoonmaatschappij. Het zijn geen jobs met een hoog rock-’n-rollgehalte en het liefst van al zou ik elke wakkere minuut van mijn leven in de band willen steken, maar dat gaat nu eenmaal niet. Als we de muziek spelen die we willen spelen, dan is de consequentie dat we er een job moeten op nahouden". "Toen we zowat drie jaar geleden voor het eerst als Future Of The Left samenkwamen, wisten we verdomd goed dat we een lange weg af te leggen hadden, we zouden heel wat stadia moeten doorworstelen voor we aan touren zouden toekomen. Daarnaast een job hebben, is een noodzakelijk kwaad en als je je daarop instelt, en het geluk hebt dat je ook in die job een uitdaging kan vinden, dan is er mee te leven. Maar het blijft een necessarry evil." "Maar ik wil er niet over klagen: ik krijg mensen te zien die ik normaal gezien nooit zou ontmoeten. Als muzikant leef je in een zeer geïsoleerde wereld en volgens mij is het zeer goed om daar uit te kunnen komen en, zonder cru te willen zijn, tussen normale mensen te vertoeven." goddeau: Het houdt je down to earth? Falkous: "Inderdaad. En het plaatst de muziek in een ander perspectief. Muziek mag dan wel heel belangrijk zijn voor mij, voor andere mensen is dat niet noodzakelijk zo. Vaak is het niet belangrijker dan een kopje thee en dat besef is belangrijk." goddeau: Zodadelijk trek je, voor het eerst sinds lang, weer de baan op om de concertzalen in te nemen. Zie je het lange onderweg zijn zitten? Falkous: "Absoluut. Zo is het tijdens een tournee fascinerend om te zien hoe de reacties van het publiek van land tot land veranderen. Vaak heeft dat te maken met het al dan niet verstaan van de teksten. In de teksten zitten er geregeld verwijzingen naar dagdagelijkse zaken die voor een buitenstaander of anderstalige vaak niet opvallen. Een Fransman bijvoorbeeld verstaat er doorgaans helemaal niets van, een Belg zal het wel begrijpen, maar hem ontgaan dan weer een aantal nuances omdat Engels zijn moedertaal niet is. Daardoor gaan mensen vaak meer of minder hard op in het muzikale aspect. Een zeer interessant gegeven." "Dat heeft trouwens ook zijn effect op de bindteksten: als ze je niet verstaat, heeft het weinig of geen zin tussen de nummers dingen te vertellen, dus blijf je vaak spelen zonder pauze, met als uiteindelijk risico dat je heel ééndimensionaal overkomt. Het is met andere woorden vaak wikken en wegen."
3 October 2007 |
|