De terugkeer van de Vikingen: hoe Denemarken zijn popmuziek aan de wereld verkocht

De terugkeer van de Vikingen: hoe Denemarken zijn popmuziek aan de wereld verkocht  
Print
    
Pagina 1 2

Image

En Belgische bands dan? "Natuurlijk kan dat voor Belgische bands ook lukken", zegt Jim Q. Holm, die met zijn Merger Management ook DAAU in Denemarken vertegenwoordigt. "Als de muziek goed genoeg is, kan alles. Ik heb DAAU ooit ontdekt nadat ze een overrompelend concert hebben gegeven op Roskilde. Het kan dus zeker." Ook dEUS en Soulwax — in al zijn vormen — zijn succesverhalen, net als Front 242 dat in het verleden was en Lords Of Acid binnen zijn nichemarkt. Toch lijkt het voor Belgische bands een stuk moeilijker.

"Het probleem is dat er in België twee markten zijn", zegt Stef Coninx van Muziekcentrum Vlaanderen. "Dat is zo gemaakt door de media, die in beide taalgebieden erg verschillend zijn. In Vlaanderen heb je een sterke openbare omroep, over de taalgrens wordt alles gedomineerd door de commerciële zenders." "Er is wel degelijk een Belgische scene", protesteert directeur Philippe Decoster van het Waalse label 62TV en distributiefirma Bang!: "vergeet niet dat dEUS eerst bij Bang! werd getekend, voor de band doorbrak in Vlaanderen."

"Er is inderdaad een soort Belgische identiteit die het verschil kan maken in het buitenland", bevestigt Maarten Quaghebeur van managementfirma Rock’ o co (o.a. Styrofoam, Mintzkov, The Go Find). "Er is iets surrealistisch aan onze muziek, wat voor een deel het gevolg is van het feit dat Studio Brussel indertijd erg gedurfd draaide. Onze jonge muzikanten werden blootgesteld aan meer alternatieve muziek, waardoor ze er meer gewoon aan werden. Daardoor heeft België een veel grotere alternatieve scene dan commercieel eigenlijk mogelijk is."

Sterk merk

Maar hoe verkoop je dat in het buitenland? De verspreide slagorde van alle deelnemers lijkt het grootste probleem. Een festival als Les Nuits Botanique programmeert wel heel wat bands van eigen bodem en fungeert zo enigszins als showcasefestival, en Wallonie Bruxelles Musique (de Waalse tegenhanger van Muziekcentrum Vlaanderen) organiseert elk jaar in februari concerten van Waalse en Brusselse bands voor de buitenlandse pers. "Ook het jaarlijkse Stubru.Uit kan als een staalkaart van de Vlaamse muziek verkocht worden", stelt Coninx. Maar met die communautaire opdeling schieten we onszelf in de voet, zo blijkt.

Image"Stop met die Vlaams-Waalse tegenstelling", zegt Mads Vraa van het Deense Good Tape Records. "Daar snapt geen hond iets van. Jullie zijn Belgen en jullie beheersen allemaal het Engels. Organiseer een Belgisch showcasefestival en je zult zien hoe vlot het gaat: België is een sterk merk, Vlaanderen en Wallonië zijn dat niet."

Uiteindelijk zal er ook een grote portie geluk nodig zijn, klinkt het bovendien. "Daar heeft het veel meer mee te maken dan met imago", zegt Decoster. "We moeten ook niet overdrijven", zegt muzikaal directeur Morten Pankoke van de Deense openbare omroep. "Hoeveel mensen kennen bands als Under Byen en Efterklang? Dat zijn er niet zoveel hoor, maar ze zijn zo bijzonder dat ze overal wel een klein publiek kunnen veroveren."

Maar geluk kun je natuurlijk altijd een handje helpen. Misschien is het dat wat de Denen hebben ingezien en wat hier nog moet doordringen. "Managements, labels en overheid zullen moeten leren met één stem te spreken," zegt Coninx, "zo is het ook begonnen voor Denemarken toen ze enkele jaren terug de openingsavond van MIDEM verzorgden. Een muziekexportinstelling als MXD mag er dus ook bij ons komen. We zijn daar over aan het nadenken, maar we zijn er nog niet."



14 november 2007


Meer op Goddeau.com
goddeau.com
goddeau.com
azerty