|
Een single (“Lux”) in high rotation op Radio 1, een stek in de Puur Belgisch-lijst van Jim TV, een speciale vermelding voor de knappe clip bij “Lux” op de NME-site en een meer dan geslaagd debuut volgens ons. Het moge duidelijk zijn: de release van Zenders eerste langspeler, Acid Avenue, gaat niet ongemerkt voorbij. Goddeau was er als de kippen bij om Thijs De Clus, drijvende motor achter het ganse project, aan de tand te voelen.
goddeau: Vertel eens: in hoeverre is Zender een echte groep? Thijs: Het is begonnen als mijn soloproject, maar gaandeweg is de groep uitgebreid. Ik kan namelijk niet alle instrumenten zelf bespelen en zo kwam eerst mijn pa erbij, vervolgens hier en daar een maat en voor je het weet heb je een echte groep. We zijn nu met zes en in deze formatie willen we ook gaan optreden.
goddeau: De titel van jullie debuutalbum is Acid Avenue. Wanneer is die naar boven gekomen? Thijs: Die was er al voor de eerste noot opgenomen werd. Acid Avenue is namelijk ook de naam van mijn studio, bij mijn ouderlijk huis in de Zuurstraat in Voorde. Gezien onze ietwat psychedelische sound vind ik hem uiterst geschikt. Abbey road op zijn Vlaams inderdaad ... goddeau: Bij het beluisteren van Acid Avenue vallen meteen enkele invloeden op: Pink Floyd, late Beatles, Big Star. Akkoord? Thijs: Jazeker, ik ben vooral een hevige Big Star-fan. Hun melodieën en gitaarlijnen vind ik super. Voor mij zijn er een aantal erg invloedrijke B-groepen, waarmee ik niet doel op hun kwaliteit. The Byrds, Beatles, Beach Boys en Big Star. Haal je een Rickenbacker 12 string-gitaar boven, dan denken mensen meteen aan The Byrds, stop je harmonieën in je nummers dan zijn Beach Boys of Neil Young nooit ver weg ... Daarnaast zijn we ook sterk beïnvloed door countrymuziek. Mensen denken bij country nog al te vaak aan foute rednecks en zo, maar er bestaat ook heel wat echt goede country. Al die invloeden hebben we in elkaar gepuzzeld tot we een eigen sound bekwamen. Noem ons dus zeker geen retroband. We proberen aan al die invloeden een eigen, moderne touch te geven. goddeau: Onder andere door die gehanteerde instrumentatie klinken jullie erg on-Vlaams. Thijs: Dank je, dat is een groot compliment. Niet dat ik iets tegen Vlaamse bands heb, zeker niet, maar ik mik graag wat verder. Zo komt de plaat ook in Nederland uit. Muziek is een apart universum, dat op zichzelf staat en totaal niet streekgebonden is. goddeau: Desalniettemin schuilen er op Acid Avenue tal van verwijzingen naar je roots. Thijs: Welja, ik ben nu eenmaal in een wondermooie streek geboren en opgegroeid. Op zich is het Pajottenland fantastisch, maar tegelijk ook vreselijk saai. Ninove vind ik bijvoorbeeld een stad van dertien in een dozijn. Maar juist daarom zijn ook alle mogelijkheden open om vanalles uit te proberen. Je bent er als het ware altijd een pionier. goddeau: Is dat uitdrukkelijk verwijzen naar de Denderstreek ook geen manier om jezelf af te zetten tegen de Gentse en Antwerpse scène? Thijs: Zeer zeker. Als jonge gast van de boerenbuiten is het minder vanzelfsprekend om een band op te richten en overal op te treden. Rivaliteit zou ik het zeker niet noemen, maar ik wil wel tonen dat je niet per se uit Gent of Antwerpen hoeft te komen om goede muziek te maken. Ook in de rest van Vlaanderen wordt interessante muziek gemaakt, wat men soms eens schijnt te vergeten.
24 september 2008 |
|