DIT WAS 2008: Chad Vangaalen :: ''Veel liever zou ik nu thuis zitten schilderen''

DIT WAS 2008: Chad Vangaalen :: ''Veel liever zou ik nu thuis zitten schilderen''  
Print
    
Pagina 1 2 3

Imagegoddeau: Ondanks die duidelijk hoorbare samenhang, vertoont Soft Airplane een grote variatie aan songstijlen. Akoestische kampvuurliedjes, gierende gitaarsongs, pompende electrotracks en experimentele popnummers wisselen elkaar naadloos af. Je bent duidelijk geen one trick pony.
Vangaalen: Klopt. Ik denk dat die variatie in songtypes vooral te wijten is aan mijn afkomst. Waar ik woon (het vooral door de wintersport bekende Calgary in Canada, ld) sijpelen nieuwe groepen slechts met mondjesmaat binnen. Vooraleer platen bij ons terecht komen… Ik maakte bovendien nooit deel uit van een of andere scene, ik luisterde zowel naar seventies psychedelica als naar traditionele Afrikaanse zangers of Sonic Youth of kerkmuziek. Met de drummer van Women (wiens plaat Vangaalen heeft geproduceerd, ld) ben ik zo muziek beginnen spelen, een soort jazzband met mezelf op tenorsax. Ik hou gewoon van muziek, maakt niet uit welke stijl.

goddeau: Op welke song van Soft Airplane ben je het meeste trots?
Vangaalen: "Willow Tree" en "Frozen Energon". Niet toevallig het eerste en het laatste nummer van de plaat. Die twee songs vormen namelijk de twee uitersten van mijn muzikaal universum. Een breekbaar akoestisch liedje versus een flinke lap experimentele noise, met alles daartussen.

goddeau: Neil Young meets Sonic Youth meets John Cage als het ware?
Vangaalen: Zo je wil. Vooral John Cage was een grote invloed voor mij, en dan meer precies zijn Sonates And Interludes For Prepared Piano. Hij bouwde ook zelf instrumenten, wat me nog meer tot hem aantrok. Via hem leerde ik vervolgens Steve Reich en Glenn Branca kennen. Sonic Youth verwerkte die avant-garde-invloeden ook in hun songs en tilde ze zo naar een groter publiek. En Neil Young heb ik pas enkele jaren geleden echt leren kennen, omdat iedereen me wees op de vocale gelijkenis. Sindsdien ben ik wel zwaar fan.

goddeau: Je kende Neil Young niet?
Vangaalen: Ik wist wel dat hij een muzikant was, maar zag hem altijd als een folkie singer-songwriter. Ik ben namelijk niet opgegroeid met veel muziek in huis, en als tiener was ik meer bezig met tekeningen en schilderen. Music wasn’t my first love, no.

goddeau: Naast erg mooie liedjes maak je inderdaad ook nog je eigen muziekinstrumenten, tekeningen, schilderijen, videoanimaties. Muziek alleen volstaat duidelijk niet om jouw inspiratie te kanaliseren?
Vangaalen: Nee, inderdaad. Ik ben van oorspong eigenlijk een videokunstenaar, en als kind tekende ik de hele dag door. Mijn vader is schilder, en ik ging er lange tijd vanuit dat ik ook op die manier mijn brood zou gaan verdienen. Als illustrator of videoanimator of zo. Maar op een bepaald moment leek muziek mij de ideale symbiose van al deze kunstvormen. Ik kan teksten schrijven, er klanken bij verzinnen, mijn tekeningen als artwork gebruiken, videoclips monteren, etc. Maar nog steeds voel ik mij stukken beter bij die visuele kant. Ik hoef er niet zo nodig bij te performen, kan een stapje achteruit zetten en het kunstwerk voor zich laten spreken. Nu moet ik toeren, mijn werk telkens uitleggen en opnieuw creëren. Als een tekening af is, hoef ik me er verder niets meer van aan te trekken. Dan is het aan de kijker of lezer.

goddeau: Volgens Beach Boys-coryfee Van Dyke Parks is een song "het meest draagbare kunstvoorwerp". Akkoord?
Vangaalen: (denkt na). Ja, eigenlijk wel. Je kan het zingen, zonder extra gereedschap, dus het is zeker het meest draagbare, en ik beschouw muziek zeker als één van de krachtigste kunstmedia. Muziek heeft ook één van sterkste paletten, aangezien alles in het universum opgebouwd is uit vibraties. Werken met die vibraties, zelf moleculen in de lucht omzetten tot klank en dat combineren met woorden, poëzie: dat is pretty crazy stuff.

goddeau: Alomtegenwoordig in jouw werk is de dood. Vanwaar die fascinatie?
Vangaalen: Ik zie de dood niet als een donkere kracht. Nadenken over de dood gaat echt mijn petje te boven. Mijn lichaam en geest die plots ophouden te bestaan, de moleculen die wegzweven: dat klinkt echt veel te absurd voor mij. Maar dood maakt ontegensprekelijk deel uit van het leven, en als muze gebruiken van waaruit dan weer andere ideeën kunnen voortspruiten. Het vormt inderdaad de rode draad doorheen Soft Airplane, maar niet op een depressieve manier. In mijn werk omarm ik de dood als deel van het leven.

goddeau: Er waait een dromerige, bijna sprookjesachtige sfeer doorheen Soft Airplane. Leren we de mens Chad Vangaalen beter kennen door naar zijn muziek te luisteren?
Vangaalen: Zeker en vast. Skelliconnection bijvoorbeeld bevatte veel persoonlijke songs, en pakweg "Cries Of The Dead" bevat tekstflarden uit mijn dagboek. Dat heb ik nodig om mezelf emotioneel betrokken te voelen tijdens optredens. Maar ik wil daar ook niet te ver in gaan, dus verweef ik de persoonlijke stukken met dromerige, vage beelden. "Molten Light" bijvoorbeeld is pure folklore.

goddeau: Enkele maanden geleden liep er in de Bozar in Brussel een expositie, "It’s Not Only Rock’n Roll Baby!" rond kunstwerk van beroemde muzikanten zoals Patti Smith, Brian Eno en Antony Hegarty. Zou jij jouw werk ooit in een heus museum willen tentoonstellen?
Vangaalen: (enthousiast) Zeer graag! We komen net van het Crossing Borders-fetsival in Den Haag, en de organisatoren hebben me gevraagd of ik volgend jaar niet wil exposeren. Ik hoop echt dat het er van komt, want ik popel om mijn installaties en schilderwerken ook in Europa aan het publiek te tonen. Mensen lijken hier meer aandachtig te willen kijken of luisteren dan in Amerika. De meeste Amerikanen kijken echt niet verder dan hun eigen navel, walgelijk soms. Misschien dat de verkiezing van Obama iets teweeg kan brengen.


17 December 2008


Meer op Goddeau.com
goddeau.com
goddeau.com