Bekentenis van een Robbie Williamsfan |
|
|
|||
![]() Pas op I’ve been expecting you verankert Williams zijn tongue stevig in de cheek en kan hij ook de seksueel rijpe medemens langer dan 4 minuten boeien. ’My mouth smells of a thousand fags and when I’m drunk I dance like me dad’: als openingszin kan het tellen. Popidool Robbie is ook maar een gewone kerel en 14-jarige groupies zijn ook niet je dat, zo wil hij ons doen geloven. In "Millennium" vraagt hij ons: ’Get up and see the sarcasm in my eyes’. Er hangt inderdaad een zweem van sarcasme rond dit album, maar ook van dollartekens, een uit de kluiten gewassen ego en ’geleende’ samples. Druk kanttekeningen plaatsend, moeten we wel toegeven dat Robbie Williams met deze twee albums onder de arm live onze interesse wist te wekken. Niettemin staat er iets teveel vulsel op die eerste twee albums om kanaaloverschrijdend ’hoera’ en ’meer van dat’-geroep te verdienen. Leuk entertainment, leuke teksten en een handvol zeer knappe songs, maar daarvoor leggen we onze street credibility niet in de waagschaal. Voor derde album Sing when you’re winning durven we dan weer wel een stevige lans te breken als "Rock DJ", "Supreme" of "The road to Mandalay" op de radio of op café passeert. Het is dan ook met deze singles en het bijbehorende album dat Robbie Williams enig voet aan de grond kreeg op het vaste land. Vrolijke uptempo popmuziek met refreinen die zelfs met een drilboor niet uit je hoofd te krijgen zijn. Het vulsel is ditmaal beperkt tot vier niet eens zo slechte nummers tussen "If it’s hurting you" en "By all means necessary". Mocht u zich overigens afvragen wat er nog als ghost-track op dit album staat: na een hoop stilte zegt Williams "I’m not doing one on this album". De guitigaard. Swing when you’re winningis het subtiel anders getitelde album dat een jaar na Sing when you’er winning, in volle kerstperiode middels een hoop rat pack-klassiekers naar uw moeders portefeuille lonkte. Een degelijke cover van "Something stupid" in duet met Nicole Kidman, vergezeld van een prikkelende videoclip hielp dit album om Williams’ best verkochte in België te worden. Hoe fout het ook lijkt en hoe hard hij ook door de mand valt in een virtueel duet met Sinatra himself ("It was a very good year"): Robbie Williams komt verdomd goed weg met dit ambitieuze (en pretentieuze) project. De songs zijn goed gekozen en ook muzikaal lijkt het wel te kloppen. Williams zet 15 nummers lang een hedendaagse Dean Martin neer die toch op enig goedkeurend geknor van op deze banken kan rekenen. Degelijk is het woord, niets meer maar ook niets minder. Uw moeder heeft zich bovendien zeker al slechtere cd’s in de maag laten splitsen rond kerstmis. Lotti’s Tribute to the king: iemand? De nieuwe Escapology is in vergelijking met de vorige twee albums ondermaats. Het klinkt allemaal nogal bekend in de oren. Niet alleen omdat Williams en songschrijfcompaan Guy Chambers weerom rijkelijk ideetjes lenen uit de rijke popgeschiedenis, maar ook omdat we het truukje al kennen. "Feel" leunt bijvoorbeeld wel erg dicht aan bij "Angels" en ook de rest van het album klinkt bij momenten wat te gerecycleerd. Slecht is Escapology zeker niet, maar misschien wel teveel van het goede. De songs duren regelmatig te lang en hier en daar herken je een brugje of refrein van een van Robbie’s vorige albums. Niettemin lijkt Williams’ status als superster met dit album ook hier definitief gevestigd. De concerten in het Sportpaleis waren in een mum van tijd uitverkocht en de singles geraken met gemak in de hogere regionen van de hitlijsten. Voor de kerstperiode staat een ’best of’ gepland. Benieuwd hoe vlot die zal verkopen en hoe die twintig deugdelijke tot geweldige nummers samen op een CD klinken. Hopelijk helpt dat album voor het maatschappelijk bespreekbaar maken van het Robbie Williams-fan zijn in hippe stedelijke milieus. Dan luister ik intussen nog wat naar wat nu elektronix, voor de buren komen vragen of ik ziek ben. 21 juli 2003 |
Meer Williams Robbie
Meer artikels
Meer op Goddeau.com
|
||






