Kings Of Convenience :: ''Muziek is overal. En dat is een groot probleem.'' |
|
|
|||
|
Erlend Øye is een man die zijn tijd neemt. Niet alleen om samen met Eirik Glambek Bøe eindelijk nog eens een nieuwe Kings Of Convenience te maken het wederom prachtige Declaration of Dependence. Maar ook om op vragen te antwoorden bijvoorbeeld: probeer vooral het aantal stiltes of denkt (lang) nas in dit interview niet te tellen. De man geeft weinig interviews, waardoor hij zijn woorden die schamele keren ontzettend lijkt te wikken en wegen. ![]() Dat hij zijn tijd neemt, bleek ook op Pukkelpop, waar hij speelde met zijn andere band The Whitest Boy Alive zodat goddeau hem aldaar even kon spreken. Øye was immers langer dan een half uur spoorloos achteraf bleek hij van een lange massage genoten te hebben. Niet dat Øye arrogant is. Hij is veeleer bedachtzaam, op zijn hoede, alsof hij zijn eigen muziek niet wil tegenspreken. Die spreekt volgens hem al genoeg voor zich. En daar heeft hij een punt. Erlend Øye is ook een man die lawaai verafschuwt. Wanneer we het interview aanvatten, zijn The Rifles op de Main Stage aan hun set begonnen, die ook over de persruimte buldert. Øye (witte opgetrokken kousen in sandalen, korte oranje broek tot aan de knieschijven) trekt er een gezicht bij alsof hij het deksel van een beerput heeft gelicht. "Kunnen we nergens anders gaan zitten," vraagt hij. En zo geschiedt: we trekken ons terug in een van de containers. "Eigenlijk doe ik niet graag interviews", zegt hij eens we binnen zitten. "Ik ook niet", antwoord ik laconiek. Øye lacht. We kunnen beginnen. goddeau: Er zit ruim vijf jaar tussen deze en de vorige plaat. Hadden jullie die rustpauze "nodig"? goddeau: Zodra iemand vader of moeder wordt, laat zich dat meestal horen op een plaat. Niet bij jullie. 7 October 2009 |
Meer Kings Of Convenience
Meer interviews
Meer op Goddeau.com
|
||



