10 jaar Duyster: The Low Anthem, Lou Barlow, Fanfarlo, Isbells, de portables, 30 januari 2010, AB |
|
|
|||
![]() Slechts een vijfde van het aanwezige publiek kon naar het eerste optreden van een nieuwe, veelbelovende band uit Londen, met het ene been in Arcade Fire en het andere in Beirut. Het was dus aanschuiven geblazen aan de Club voor Fanfarlo, de nieuwe poulain van Duyster. Ze gingen slecht van start en sloten goed af, maar alles wat daartussen de revue passeerde was zeker geen haute cuisine. Het duurde een viertal nummers voor we eindelijk begrepen dat Fanfarlo toch wat meer is dan een simpele Arcade Fire rip-off. De potentie om door te breken is er wel, maar de afwerking bleef in de kleine ABClub meermaals achterwege. Geef deze band nog een tweetal maanden de tijd om te rijpen, want rond april zullen ze er ongetwijfeld staan. Verbazend hoe groot The Low Anthem is geworden. Nauwelijks vijf maanden geleden speelde de groep nog in de ABClub, vandaag haalt een volle grote zaal het viertal in als helden. Met het puike Oh My God, Charlie Darwin brak de groep vorig jaar dan ook terecht door, en ook vandaag gaat hun mix van ingetogen folk, Tom Waitsachtige blues, en rootsrock er vlot in. Met het op een atmosferisch orgeltje drijvend "To Them Ghosts Who Write History Books" wordt al meteen erg mooi afgetrapt, en meteen valt op hoe belangrijk die klarinet van Jocie Adams voor het groepsgeluid is. Ze verleent de traditionele folk een apart kantje, in een landschap dat al verstikt wordt door de alt.country groepen. Even sfeervol is "To Ohio", met zijn dromerig gezongen refreinen. Iets steviger is dan weer het nieuwe "Sally, Where'd You Get Your Liquor From?", dat met knappe drums openbloeit en een dankbaar krachtig moment wordt. The Low Anthem wijst ook met een stevige vinger het pijnpunt van Duyster aan: soms wordt de grens tussen mooi en net iets te saai overschreden. De groep speelt naar het einde van de set net dat stille intieme nummer te veel, samen rond één microfoon, en je bedenkt dat zelfs Elton Johns moeder dit wat van het trage teveel zou vinden. De band slaat dan maar terug met de razende bluesrock van "Home I'll Never Be" en "The Horizon Is A Beltway" dat, net als op Crossing Border vorig najaar, helaas een versie krijgt dat het scheurende refrein geen recht doet. Geen volledige voltreffer dus, dit concert; maar met een betere set-opbouw en nog een paar nummers van het niveau van "To Ohio" en "To Them Ghosts…" kan deze groep een blijvertje worden. De tijd dat de portables op doorbreken leken te staan met Girls Beware ligt alweer lang achter ons; daarvoor zijn de groepsleden teveel slacker, was de ambitie te miniem. En riep het echte leven, met echte jobs, vermoeden we. Als ultieme Belgische indieband mochten de portables echter niet ontbreken op deze avond. Ze bedankten door de avond in stijl af te sluiten met een set die van uitmuntend muzikantschap getuigt. "Men heeft ons gevraagd wat Duysterclassics te brengen", grijnst gitarist Jürgen De Blonde net voor hij een geweldige versie van A-Ha's "Manhattan Skyline" lanceert. De portables hebben dan ook altijd momenten gehad dat ze zich het beste balorkest van het land toonden, en ook vanavond etaleren ze grondig hun kunnen met een aantal covers, waaronder één van een vroeg Lou Barlow-nummer. Of dat beweerden zij toch; wij kennen niet alle obscure Barlow-cassetjes, en hebben al lang geleerd deze groep niet op zijn woord te geloven. Het is echter het oudere "Poisonous Fishy" van op de Cherubijn-EP dat met een woeste gitaarfinale de hoofdvogel afschiet. We geven toe dat we even getwijfeld hebben over de groep de laatste jaren, maar daarvoor tikken we onszelf vandaag graag op de vingers: straffe groep. Straffe groepen, straffe optredens ter ere van een straf, uniek radioprogramma. Afspraak over tien jaar. Elmo Lê van, Maïté Lê van & Matthieu Van Steenkiste | foto's Joris Bulckens & Tim Broddin - Wannabes.
1 February 2010 |
Meer Duyster
Meer live
Meer op Goddeau.com
|
||


