|
Goddeau: Geldt hetzelfde voor je vroegere werk, had je toen ook al die bekommernis?
Stuart: "Ik denk dat ik me daar toen niet bewust van was. Mijn vroegere werk is een
zoeken naar vocabularium, naar een idioom. Ik had immers een bepaalde training, een bepaalde manier
van werken met distorties en vervormingen. Voor mij was dat erg natuurlijk. Op de én of andere
manier had ik het gewoon. Ik bewoog hoe dan ook op een zekere manier en dat probeerde ik te
schetsen. Ik was toen tamelijk
naïef, weet je wel. Ik was erg nauw gefocust op het werk,
het was heel erg zuiver denk ik. En nu
nu is het compleet
vervuild!"(lacht)
Goddeau: Ik vind dat Alibi inderdaad minder zuiver is, in de zin dat de aanpak erg
theatraal geworden is. Het choreografische lijkt gereduceerd tot een soort illustratie.
Stuart: "Het was erg interessant om te werken met theater, met tekst. Ik heb geprobeerd
om met echte situaties te werken. Dus het was echt wel een keuze. Ik wist dat ik
verhaaltjes vertelde, meer bepaald verhalen die je als je de muziek afzet ook op straat
kunt ervaren. Alsof je zou kijken naar een soort extreme vorm van urban life."
Goddeau: Heb je daarvoor gekozen omdat je niet meteen wist in welke richting je verder moest
gaan met een louter choreografische aanpak?
Stuart: "Het was er mij veeleer om te doen de choreografische gevoeligheden mee te nemen
naar een ander toepassingsgebied. Ik ben altijd op zoek naar een nieuwe uitdaging: het regisseren van
tekst, van mensen
Het was echt uitdagend om eens een concept te representeren, zoals het
verkopen van mensen. Het idee verkopen zo breed mogelijk nemen en dan kijken hoe je
dat kunt tonen."
"Het ging dus zeker en vast niet over het bewegen van vormen, over
lichamen in ruimte en tijd. Dat was allerminst mijn eerste bezorgdheid, het ging om grotere kwesties.
Hoe bijvoorbeeld te werken met het idee van een bekentenis, maar dan gebracht als stand-up
comedy, als was het fake. Het was er mij dus niet om te doen een serie bewegingen te
produceren. Op geen enkel ogenblik heb ik gedacht: Hm, hier hebben we een stukje dans
nodig."
Goddeau: Maar er zit wel degelijk dansmateriaal in Alibi. Hoe is dat dan tot stand
gekomen?
Stuart: "Vooral vanuit het bekijken van een aantal sporten. Zelf ben ik een voetbalfan.
Een vertrekpunt voor de choreografie was dus bijvoorbeeld het moment dat iemand een doelpunt scoort:
de toevalsfactor daarin en de extreme emoties die plots uit het lichaam vrijkomen."
"We hebben verder ook naar boksen gekeken, naar Hollywoodfilms,
naar representaties van geweld daarin, naar Fight Club
dat soort dingen. En ja, we keken
ook naar scènes van betogingen en van oorlog. We wilden die toestand van crisis en catastrofe
proberen aan te houden zodat we topics als shock of afwezigheid binnenhaalden,
teneinde het werk een zeker World Press-gehalte te geven."
Raf Geenens
1 maart 2002 |