|
Vergeet minimal, wonky en andere obscure nichegenres. Als het om dansen gaat, dan keert de blik opnieuw richting de euforie van de second summer of love. Ook op Acolyte, het straffe debuut van het Britse Delphic, wordt er gefuifd als ware het opnieuw 1989. Zaterdag herschept de groep de Pyramid Marquee van Werchter voor één keer tot de legendarische discotheek The Hacienda.
Het voordeel van deze band is dat het leergeld al betaald is, zo wordt al snel duidelijk bij een gesprek met frontman James Cook. Na onbevredigende jaren in andere groepen, gingen de groepsleden samen in retraite om nog voor er één noot muziek was gespeeld te bepalen wat het vooral niet en vooral wél mocht zijn. Dat bleek een noodzakelijke move, zo vertelt hij.
Cook: "Voor Delphic zaten we allemaal in andere bands die in Manchester al iets bereikt hadden, maar waarin we ons absoluut niet meer thuis voelden. Dan zaten we samen op café, en kwamen we tot de conclusie dat we eigenlijk niet de muziek maakten die wij wilden horen, maar waarvan we dachten dat anderen dat wilden. Als je een bepaald niveau hebt bereikt waarop je gemakkelijk kunt optreden voor een behoorlijk groot publiek, komt ook het moment dat er mensen opduiken die je allerlei zaken gaan aanpraten als "je hebt wel een popliedje nodig" of "verander dit of dat, dan tekenen we je". Een jonge Engelse band wil gewoon zo snel mogelijk indruk maken en getekend worden door die mannen in pakken."
"Wel, die kerels hadden onze visie over hoe we een song moesten schrijven verknoeid. Omdat we dachten dat we zo een paar sporten hoger op de ladder zouden raken. En dus zijn we daar mee opgehouden, al was dat natuurlijk niet evident. Vergelijk het met een vriendin waar je ondanks al haar gebreken en zelfs al gaat het nergens meer heen bij blijft omdat je al zo lang samen bent en de relatie toch heel wat voor je betekent. Soms moet je echter loslaten als je wil evolueren."
"Het moest anders, besloten we toen we Delphic begonnen. We zijn toen samen in afzondering gegaan in een hutje in het Lake District, een nationaal park in het noorden van Engeland. We hebben er drie weken doorgebracht zonder tv en radio. Het enige wat we dag in dag uit konden doen was hout op het vuur smijten en lange wandelingen maken terwijl we praatten over onze ideeën en visies over de groep. Daar is de groep eigenlijk geboren, nog voor er een noot gespeeld was, uit dat lijstje van prioriteiten. En helemaal bovenaan stond dat we nu voor één keer onszelf zouden behagen. Het moest in de eerste plaats ons bevallen."
goddeau: Wat hadden jullie muzikaal gemeenschappelijk?
Cook: "Clubmuziek. We houden van bands als Soulwax of Simian Mobile Disco en zelfs mainstream dance acts. Daarnaast houden we van heel wat dingen op Warp en R&S, de Berlijnse technoscene, Carl Craig,.. Dansmuziek, dus."
"Eigenlijk waren we op dat moment de song even zat. Niet dat we daar helemaal van weg wilden, maar we wilden die minimale benadering van dans samenbrengen met meer traditionele songschrijfkunst. En daar heeft iedereen dan zijn eigen invloeden aan bijgebracht: stukken Manchester, stukken IJsland in de melodieën we hebben veel geleerd van Björk, múm en Sigur Rós en dan was er ook nog de soul van de eerste Led Zeppelin en de mooie songstructuren van David Bowie op Lodger en Low. In drie grote lijnen getekend kun je zeggen: indiemuziek uit de jaren negentig, experimentele electro en blues. Waar ze elkaar raken ligt het intense hart van Delphic."
30 June 2010 |
|