|
Channel Zero is back. En hoe! Op de muilpeer getiteld Feed ‘em With a Brick, hun eerste plaat in veertien jaar, klinkt Belgiës grootste metalband agressiever dan ooit. Channel Zero is klaar voor een tweede leven, maar zal anno 2011 de zaken anders aanpakken, aldus zanger-volksmenner-spraakwaterval Franky De Smet-Vandamme. “We zijn voorzichtiger geworden.”
Iedereen lijkt het erover eens. Op het podium klinken Frank en co even bruut als in de jaren negentig. Het is alsof Channel Zero nooit weggeweest is. Belgium’s finest metalband heeft een nieuw festivaloffensief klaar, met optredens op Rock Zottegem, Dour en de Lokerse Feesten, en plant een clubtour in het najaar. Wij vroegen ons af of het voor De Smet-Vandamme en zijn kornuiten anders aanvoelde om na dertien jaar opnieuw op een podium te staan.
De Smet-Vandamme: “(denkt na) Ik snap wel waar je naartoe wil, maar ondanks dat we ouder geworden zijn, is onze podiumexpressie er niet anders op geworden. Na al die jaren afwezigheid waren we verplicht hetzelfde verhaal met dezelfde power te brengen. Dat was geen evidente opdracht. We hadden meer te doen dan twee keer repeteren. Een band moest heropgebouwd worden. Met alle respect, maar dat is een groot verschil met een singer-songwriter die met stem en gitaar zijn verhaal draagt. Wij kregen de loodzware taak een lege ruimte op te vullen -- een nieuwe gitarist uit de boom schudden. Dat was behoorlijk scary, zeker wanneer je plots twaalfduizend tickets verkoopt en zes maal in de AB moet aantreden. We waren verdorie dertien jaar gestopt.”
goddeau: Mikey Doling voelt zich duidelijk in zijn sas bij Channel Zero. Welke indruk maakte hij tijdens de audities?
De Smet-Vandamme: “We hadden Mikey nog nooit gezien, hooguit op enkele YouTube-filmpjes. Hij kwam aan en zei: “Jullie zoektocht is voorbij!” Ik dacht: “Aight, we zullen zien.” Hij begon te spelen en het plaatje klopte vanaf de eerste seconde. De twintig andere kandidaten waren er nooit in geslaagd ons hetzelfde gevoel te geven. Mikey sloeg de nagel op de kop. Oorspronkelijk wilden we maar een paar concerten en festivals doen, maar hij veegde alle twijfels van tafel en begon meteen aan nieuw materiaal. Ik ben gestopt met werken om de songwriting van Mikey te kunnen opvolgen.”
“Waarom het meteen klikte met Mikey? Er is niet alleen zijn muzikale smaak, maar ook zijn persoonlijkheid. Plots leken we weer een band. Mikey is een heel aangename gast -- altijd goed gezind -- en bovendien een uitstekende songwriter.”
“Black Flowers” was de eerste tik. We hebben dat nummer in drie kwartier geschreven en in drie uur opgenomen. Dat was de vonk. De klik tussen Mikey en mezelf was meteen gemaakt. Hij heeft mij over de brug gekregen om verder te gaan dan de reünieconcerten.
goddeau: Als ik het goed begrijp, was Doling dus de bepalende factor. Zouden jullie ook met Xavier Carion aan een nieuwe plaat begonnen zijn?
De Smet-Vandamme: “Het grappigste is dat we nooit aan een nieuw album gedacht hadden, maar Mikey was al begonnen met songs te schrijven. En van het een komt het ander. De demo’s die ik op mijn bord kreeg, waren om u tegen te zeggen. Vanaf dat moment zei ik: “Dit moeten we doen”. Mikey was de bepalende factor, ja. Hij voelde zich in België meteen op zijn gemak. Omgekeerd voelden Tino, Phil en ik ons weer veilig in een soort cocon.”
“Het is moeilijk in te schatten of we met Xavier een nieuwe plaat konden maken. Hij weigerde mee te doen wegens zijn gehoorproblemen, maar blijkbaar speelt hij ondertussen al in een ander bandje. In het leven kies je nu eenmaal voor het een of het ander. De kerk in het midden houden, dat zit er niet in. Xavier was niet geïnteresseerd in een reünieshow en dacht bij de start van de ticketverkoop: “Daar gaat toch geen kat op afkomen!” Maar kijk, een best-ever-case-scenario gebeurde. De uitloper is Feed ‘em with a Brick.”
goddeau: Is de lekkere Amerikaanse thrash-groove en de imposante sound op de nieuwe plaat een gedeelde verdienste van Doling en producer Logan Mader?
De Smet-Vandamme: "De muziek is van Mikeys hand. Hij had alles op voorhand gecomponeerd en geprogrammeerd, zowel op gitaar, bas als drums. Toen we de studio (Noise Factory in Namen, lh) binnenwandelden, was de plaat al voor negentig percent afgewerkt. De imposante sound is te danken aan Logan. Hij hoefde zich niet meer bezig te houden met de zevenendertigste discussie over een refrein. In elf dagen heeft hij hier de basstukken en drums opgenomen. Voor de gitaren had hij vijf dagen nodig. We hadden zelfs nog drie dagen over die we gebruikten om aan de intro’s, zoals in “Electric Showdown”, en andere details te werken. Toen ik in Los Angeles, met Bradley Dujmovic, elf uur per dag werkte aan de preproductie van de vocalen, was de plaat al voor de helft gemixt. Zo snel ging het."
goddeau: Hoe hebben jullie een begenadigd producer als Mader gestrikt?
De Smet-Vandamme: "Via Mikey natuurlijk. De metalscene in Los Angeles is een ons-kent-ons-wereldje."
13 July 2011 |
|